De vulopening van de dieselolietank zit op het achterdekje. Bij het vullen eerst het achterdekje nat maken, zodat gemorste olie niet in het teak trekt. Daarna het water bij de vulopening wegblazen en dan pas de dop opendraaien.
De inhoud van de tank kun je zien achter het luikje met de naam erop onder de helmstok. Aan SB zit een slangetje met daarop een schaalverdeling. Boven de 80 en beneden de 25 liter is het niet af te lezen. Er gaat ongeveer 90 liter in de tank.
Onder in de tank zit een opvangbakje voor water en vuil. Aan het begin van het seizoen moet dat worden afgetapt. Onder het opvangbakje zit een kogelkraan, waar je slecht bij kunt, die staat normaal open. Vandaar gaat een slang naar een tweede kogelkraan rechts naast het dieselolie grof filter. Daar zit voor de zekerheid nog een messingdop. Dat is om te voorkomen dat de kraan per ongeluk open wordt gedraaid en de tank leeg zou lopen. Zorg dat de tweede kraan dicht staat en draai dan de stop eruit. Houd een bakje onder de kraan en open die voorzichtig. Al het vuil en water dat in het opvangbakje en de dikke slang daaronder zit kun je dan aftappen
In de brandstoftank zit een mangat voor als de tank gereinigd moet worden. Dan moet eerst het achterdekje er uit. Snijd het rubber tussen het dekje en de gelakte eiken strook los en draai de schroeven los waarmee de ‘balk met de koperen strip met gaten om het roer te fixeren’ los en trek de balk los. Bij het weer monteren moet er Tixophalt tussen. Géén rubber, want dan krijg je hem nooit meer los.